Posts tonen met het label Werk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Werk. Alle posts tonen

woensdag 4 maart 2015

Zorg in Zimbabwe is onbetaalbaar

Door Mark

Deze maand zamelt stichting Hands & Feet geld in voor het Morgenster ziekenhuis. We zijn dankbaar voor deze ondersteuning vanuit Nederland. Neem eens een kijkje op hun website (klik op het logo)

Daar valt bijvoorbeeld te lezen dat een Rontgenfoto maar €16 kost. Toch kunnen veel patienten dat niet betalen, en een verzekering hebben ze ook niet.

woensdag 3 juli 2013

Personeel en Organisatie

Door: Annemarie

Soms weet ik niet wat ik nu moet denken, voelen of hopen. Vandaag is zo’n dag. Ik ben een toespraak aan het voorbereiden voor een bijeenkomst met het personeel aanstaande vrijdag. Aangezien ik deze maand waarnemend directeur ben van het hele zootje is aan mij de nobele taak om het personeel van enige antwoorden te voorzien, om zo de boel te sussen en een staking te voorkomen. Maar waar te beginnen? Ik heb weinig te bieden en zal de rol moeten spelen van boodschapper van slechte tijden.

Laat ik beginnen met wat achtergrondinformatie. Zonder precies de getallen te reproduceren kan ik wel een idee geven. Om te beginnen is de grootte van ons personeelsbestand niet veranderd sinds 1980. Ondertussen zijn er wel een oogkliniek en HIVkliniek met kliniekbezoeken bijgekomen. Ook het aantal patiënten dat we behandelen is toegenomen, met name op de verlosafdeling. Nu kan ik niet zeggen (letterlijk en figuurlijk) dat de verpleegkundigen op de afdelingen hun benen uit lijf lopen, dat valt wel mee, maar vergeleken met hun collega’s in het overheidsziekenhuis en in plattelandsklinieken werken ze wel harder en is er meer controle. De verlosafdeling is echter wel degelijk druk en zwaar onderbezet. De negen verloskundigen hebben in het eerste kwartaal 560 bevallingen gedaan. En dan moeten ze ook nog voor de 30 mensen op zaal zorgen. Daarnaast is niet makkelijk  om buiten je uren alle ballen thuis hoog te houden en te proberen om door bijbaantjes en projecten meer geld te verdienen om daarmee de opleiding van je kinderen en andere familieleden te kunnen betalen. Het helpt niet mee dat men in het ziekenhuis in Masvingo wel een bonus krijgt terwijl ze vijf keer zoveel verloskundigen hebben en nog geeneens het dubbele aantal bevallingen. Het zou fijn zijn als het basissalaris af en toe wat omhoog zou gaan. Dat is helaas al jaren niet het geval; zelfs geen inflatiecorrectie. Logisch dat ze vanaf de ziekenhuiskant wat extra’s verwachten.

Ik zou graag willen dat we ons personeel dan ten minste goede huisvesting kunnen bieden. Dat in het ziekenhuis de plafonds naar beneden komen, je grote kans loopt geëlektrocuteerd te worden in de keuken en de ratten zich voeden met patiëntendossiers  is al erg genoeg. Thuis wil je gewoon kunnen wonen: een huis zonder scheuren, een niet lekkend dak, stromend water, elektriciteit met bijbehorende eerlijke en transparante rekening, en een toilet op spuugafstand. Vijfdubbel helaas. Een heel aantal moet zelfs hun huis en toilet delen met collega’s: dan heb je nog maar één of twee kamers over voor het hele gezin. Ik heb vandaag een ronde gemaakt langs enkele huizen en dan voelt het toch wel erg dubbel om thuis te komen in een riant huis, waar elk kind een eigen kamer heeft, zelfs nog een aparte kamer als eetkamer en twee kantoren; met op drie plaatsen 24/7 stromend water; een flushtoilet binnenshuis; een accusysteem voor 24/7 stroom; een gaskookplaat; en binnenkort hopelijk een warm water douche. Dit alles noem ik niet om jullie op mijn beurt een dubbel gevoel te bezorgen. De realiteit is gewoon zo. En dan vergelijk ik mijn comfortabele huis nog met de hogere klasse Zimbabwaan. Het merendeel van de bevolking heeft ten slotte helemaal geen baan. Dus ik zal het vandaag niet hebben over al die moeders die hun kinderen voeden met maïs, water en af toe wat olie.

Wat bijdraagt aan de ellende is dat het totale budget voor onderhoud van het hele ziekenhuis en alle huizen van de ruim honderd werknemers slechts 500 dollar bedraagt. En Zimbabwe is geen goedkoop land, kosten zijn vergelijkbaar met Nederland. Veel verder dan wat lekkages verhelpen, af en toe een toilet bouwen en riolering vervangen kom je niet. Ik kan een hele lijst produceren van noodzakelijk onderhoud, maar wat heeft dat voor zin? Donors zijn meer geïnteresseerd in nieuwe huizen bouwen dan in onderhoud van het bestaande.

Misschien moet ik hier maar een punt zetten. Ik kan wel doorgaan met het opsommen van probleemgebieden, maar daar wordt niemand vrolijk van. Niet dat dat de bedoeling was van dit stuk. Ik wilde gewoon een tipje van de sluier oplichten. Laat ik nu maar snel de boel dichtstoppen, anders slapen jullie vannacht ook niet. De volgende keer zal ik iets moois schrijven, als tegenwicht.


Onze ziekenhuispastor opende de laatste managementvergadering met de geschiedenis van Jezus die vijf broden en twee vissen vermenigvuldigde zodat er genoeg was voor iedereen. Ergens geloof ik wel dat God nog steeds de macht heeft om dat te doen, maar ik vind het wel heel moeilijk. 

zondag 24 februari 2013

Visite rennen


Door Annemarie

Waar komt het werkwoord – of is het een uitdrukking? – ‘visite lopen’ eigenlijk vandaan? Er worden namelijk tijdens deze bezigheid in het ziekenhuis maar weinig meters gemaakt. Vaak is ‘visite zitten’ of ‘visite staan’ beter op zijn plaats. Waarschijnlijk stamt het uit vroeger tijden, toen patiënten weken en maanden opgenomen lagen; hun arts daardoor de dossiers kon dromen en niet elke keer iets toe te voegen had. Dan kan je lekker doorlopen. Als je, zoals wij, elke week op een nieuwe afdeling begint, dan moet je toch bij elke patiënt wel even stilstaan om zijn of haar voorgeschiedenis te leren kennen. De standaardvragen bij elke patiënt zijn: HIV positief of negatief? Indien positief; welk stadium? Tuberculose verdacht?

Gelukkig kan ik mijn bezigheden op de afdelingen nog steeds beter omschrijven met visite staan dan met visite lopen, maar de snelheid in meters per minuut loopt wel op. Deels natuurlijk door toegenomen ervaring, deels doordat er twee collega’s zijn vertrokken en ik nu met 1 collega het ziekenhuis mag runnen, maar het zal er ook mee te maken hebben dat de beslisboom niet zo uitgebreid is als in Nederland. De paar onderzoeken die je hebt kan je in de strijd gooien – als de patiënt of zijn/ haar familie geld heeft – en daarna zijn de mogelijkheden tot behandeling ook maar beperkt. De goede gewoonte om bij elke patiënt een lijst van mogelijke diagnoses op te stellen ben ik in heel snel tempo aan het verleren. Helaas, want niet elke patiënt volgt de hoofdweg en waar je niet aan denkt kan je ook niet behandelen. HIV en tuberculose verklaren wel heel veel, maar niet alles. Het zou erg fijn zijn als er een bericht in het dossier verschijnt als je de verkeerde weg inslaat: “indien mogelijk keer om”. Helaas is dat niet zo. Patiënten raken in coma en overlijden. Je staat er bij en kijkt er naar. Verpleegkundigen zeggen dan al snel “die zal thuis wel wat traditionele medicijnen genomen hebben”. Onverantwoorde kruidengeneeskunde is inderdaad gevaarlijk, maar het is niet eerlijk om zwarte gat daaraan te wijten. Alhoewel ik heel graag zou willen weten hoe groot de invloed van ‘traditionele geneeskunde’ is.

Er wordt in het ziekenhuis heel wat afgelopen (bij voorkeur door de verpleegkundestudenten): die ene glucosemeter die we bezitten is meestal niet op de afdeling waar je hem nodig hebt; de  rit naar de apotheek moet vaak gemaakt worden voor een doos handschoenen, een zak vocht of medicijnen; of de dokter vraagt of er al resultaten bekend zijn, dus moet er iemand weer checken bij het laboratorium. Een portofoon- of  radiosysteem zou de communicatie flink verbeteren en heel wat schelen in kosten van beltegoed (tips en donaties welkom ;-).

------------------------

Bovenstaande schreef ik een aantal weken geleden. Ondertussen is er al weer een nieuwe arts aangenomen. De druk is voor even van de ketel. We hopen op een goede samenwerking en wat meer rust om de tijd te nemen voor patiënten en voor projecten die nu nog in de koelkast staan. In maart is er nog een sollicitatieronde om ons aantal weer op vier te brengen. Geen overbodige luxe, want er is altijd wel iemand op verlof of naar een workshop. Elke maandag is het weer een verrassing met hoeveel artsen je het werk mag verdelen…

dinsdag 30 oktober 2012

Werkvergunning

Door Mark

Ik realiseer me dat ik het goede nieuws over het verkrijgen van mijn werkvergunning ook nog niet wereldkundig had gemaakt. Door bemiddeling van de kerk was dit in September ineens in twee weken geregeld. Ik had de kerk een brief gestuurd waarin ik aangaf dat ik niet meer zou werken totdat mijn vergunning geregeld was. Toen bleek er ineens iemand in het moderamen die een zwager had hoog in de Immigration Department. Een afspraak was snel gemaakt en een week later mocht ik mijn vergunning komen ophalen. De komende jaren hebben we in ieder geval een bureaucratisch probleem minder.

vrijdag 10 februari 2012

Energie

Door Mark
Alle berichten lijken deze dagen over energie te gaan. Dit keer gaat het over de energie die ik zojuist kreeg aan het einde van de werkweek. We hadden een hectische week achter de rug met als trieste dieptepunt het afsluiten van electriciteit en water bij een deel van het ziekenhuis personeel. Om een lang verhaal kort te maken; mensen vertrouwden het departement niet dat de rekeningen verstuurd en hadden enorme betalingsachterstanden.

Dokter Mazanhi, de tijdelijke medisch directeur, heeft dit moeilijke karwei voortvarend aangepakt en door met iedereen persoonlijk naar het departement te gaan zijn nu de meeste plooien gladgestreken en zien mensen in dat de rekeningen correct zijn. Ze tonen meer en meer bereidheid om te betalen.

Omdat dr. Mazanhi tegen etenstijd kwam aanwaaien, bleef hij maar gelijk eten en spraken we over tal van zaken. Ik had een gerucht gehoord dat hij wilde vertrekken, maar na alles wat hij vertelde heb ik veel hoop dat we hem nog wel een jaar kunnen houden.

Wat een heerlijke energiebooster om het weekend mee in te gaan.

zondag 29 januari 2012

Ook prima leven zonder elektriciteit

Door Mark
Gistermorgen ging ik even op bezoek bij een buurman om een boek te lenen. Hij, dominee Visser en zijn vrouw, vertrekken over twee maanden definitief naar Nederland. Hun werk hier zit erop, een locale collega neemt (een deel van) het werk over. Voor ons is het dus nu nog zaak wat boeken te lenen die daarna niet meer beschikbaar zijn. Het is goed om op zulke momenten te praten over wat we geleerd hebben hier, de een aan het einde van de uitzending, de ander aan het begin.
Toen ik weer naar huis liep bleek de electriciteit weg te zijn. Een sms van een van de dokters vertelde me dat de Zesa (het nutsbedrijf) de missie had afgesloten omdat de rekening te hoog is opgelopen. Het ziekenhuis, welke een aparte meter heeft, is nu de enige die nog electriciteit heeft. Omdat dit op zaterdagochtend gebeurde en ik niet zie gebeuren dat een significant deel van de openstaande rekening maandag is betaald, kunnen we ons waarschijnlijk opmaken voor een weekje zonder stroom. Dus de gasflessen staan al in de auto om maandag bij te vullen, de generator is bijgevuld en alle apparatuur die niet perse aan hoeft te staan, staat uit. Ook is er dus geen internet meer.
We merken dat we ons prima kunnen redden zonder electriciteit. Alleen de koelkast willen we, via de generator, af en toe blijven voeden. En gelukkig kunnen we via onze telefoon (gprs) ook onze email af en toe controleren, dus we houden het wel een tijdje uit. Natuurlijk is het voor de mensen zonder gasflessen en generators een stuk minder eenvoudig, maar aangezien het niet regent, kan er altijd nog op houtvuur gekookt worden.
We zijn momenteel bezig om medische apparatuur aan te schaffen voor het ziekenhuis. We zijn dankbaar voor de steun die we hiervoor al hebben ontvangen. De spullen die we gaan kopen en de apparatuur die we kunnen repareren, zullen zonder twijfel helpen om levens te redden. Later hopen we hier meer over te schrijven.

vrijdag 6 januari 2012

Het Gewone Leven

Door Annemarie

Na vakantie, feestdagen en bezoek is het ‘gewone’  leven weer begonnen. Al moet ik zeggen dat die feestdagen niet veel verschilden van het gewone leven. De vakantie daarentegen wel;  lekker even weggeweest.

Mijn zus, Marloes, met vriendin Rineke, waren voor ruim twee weken hier op bezoek. Omdat ze allebei een paramedische achtergrond hebben was het voor hen heel interessant om het reilen en zeilen van het ziekenhuis mee te maken. Naast dat ze alle afdelingen en poli’s verkend hebben, heeft Marloes als fysiotherapeut vooral meegelopen met haar college hier en Rineke heeft als rontgenlaborante onze donkere kamer bewonderd. Helaas voor hen is December een erg rustige maand in het ziekenhuis. Het regenseizoen is begonnen en men heeft het druk op het veld. Als het enigszins kan probeert men in die tijd het ziekenhuis te vermijden; je weet nooit hoe lang ze je vasthouden en als je pech hebt lig je met de feestdagen in het ziekenhuis ipv thuis te zijn met de hele familie. Wel een nieuwe groep patienten  zijn de kinderen die uit de mangobomen vallen. In een paar bomen zitten rijpe vruchten en als je even niet goed oplet is het niet de mango die uit de boom valt, maar ben je het zelf. Dan ben je al de hele opbrengst van dat mangoseizoen wel kwijt. Niet dat we heel duur zijn, maar de foto’s en het gips moeten wel betaald worden. Daarbij komen vaak nog de kosten voor opname en anaesthesie om de botten weer recht te zetten. Gelukkig klimt Lennard nog niet in bomen, maar valgevaar is er wel. Behalve zijn bed en het aanrecht is er bijna geen plek in huis waar hij niet op of over kan klimmen.

Over klimmen gesproken; een van de weinige bergen die Zimbabwe rijk is hebben we nu op zijn kruintje gekeken. Overigens een bijzonder mooi kruintje. Met Marloes en Rineke zijn we een midweek naar de Eastern Highlands geweest. Dit deel van Zimbabwe hadden we nog niet gezien en het werd ons aangeraden als het mooiste stuk van het land. Het is inderdaad mooi: groen en heuvelachtig met om elke hoek van de weg weer een nieuw uitzicht over een vallei, waarvan de vruchtbare landbouwgrond goed gebruikt wordt. Het wordt ook wel het Engeland van Zimbabwe genoemd, omdat het klimaat er veel natter en kouder is dan in de rest van het land. Op de grens van Mozambique ligt een heuse bergketen – Chimanimani Mountains -  een schitterende plek voor een wandeling. De optimistische dame van de receptie vertelde ons dat de 6 km naar de berghut maar een uurtje lopen zou zijn. Een grove onderschatting; de tocht verliep namelijk meer verticaal dan horizontaal. Gelukkig wisten we dat niet van te voren, anders had me de combinatie van grieperig, zwanger en klimmen niet een heel mooi trio geleken. Nu hebben we echter genoten van een fantastische tocht door een schitterend, ruig en onontgonnen landschap.

Nadat we de gasten op de bus naar Harare hadden gezet hebben we nog een dagje genoten van het leven in de stad en zijn toen weer naar huis getogen, zodat onze tuinman alias guard OudenNieuw met zijn familie kon doorbrengen.  De feestdagen zelf zijn ons dit jaar een beetje voorbij gegaan. Kerstavond was er een dienst, maar dat leek ons niet heel geslaagd zonder licht en met stromende regen en donderend natuurgeweld. Kerstochtend kwamen we onderweg naar de kerk alleen maar mensen tegen die de andere kant op liepen; de dienst was al voorbij, bleek om 8h te zijn begonnen. Helaas had niemand ons daarvan op de hoogte gesteld. Toen ’s avonds de stroom terugkwam konden we gelukkig nog op afstand de dienst in de Marekerk meemaken. Oud en Nieuw hebben we dit jaar maar overgeslagen. Wat als handig neveneffect had, dat we Nieuwjaarsochtend om 8h uitgerust in de kerk zaten. Heel druk was het niet, iedereen die maar even de mogelijkheid heeft vertrekt naar zijn home area. Uiteraard is dat voor niemand Morgenster zelf.

Na deze korte vakantie zijn we met goede moed het nieuwe jaar begonnen. Fijn om weer bezig te kunnen zijn. Mark begint met twee dagen workshop met alle collega’s van het synodekantoor en ik begin met een dienstweek. Weinig gekke dingen tot nog toe. Eigenlijk best gezellig om ’s avonds in het ziekenhuis te komen, nog leuker als ik daadwerkelijk wat voor de patienten kan betekenen en ze niet al te ziek zijn. Helaas is dat vaak niet het geval. Schokkend hoe weinig je vaak kunt, vooral aan diagnostiek. Het komt neer op je weg zien te vinden in het donker en behandelen wat het meest voor de hand ligt of het ernstigst is. Ik merk aan mijn collega’s dat ze het heel moeilijk vinden om niks te doen, liever doorverwijzen of nog medicijnen geven, ook al weet je diep in je hart dat deze patient het niet meer gaat redden. Is ook lastig; je weet nooit 100% zeker of je het bij het rechte eind hebt. Maar wat is het nut van doorverwijzen als je bij voorbaat al weet dat de patient het niet kan betalen?  Om je geweten vrij te pleiten is een reden, maar of het de juiste is?

Terwijl ik dit typ moet ik toch heel hard lachen om Lennard die ergens onderin een doos een oude speen heeft gevonden en die nu met een dikke grijns in zijn mond heeft gestopt. Wat een vreemd gezicht; een kind met speen in zijn mond heb ik al een jaar niet gezien. Dat zal over een paar maanden wel weer veranderen als we naar Nederland komen. Nog drie maanden werken dan zullen DV Lennard en ik op het vliegtuig stappen (rond 5 april). Mark komt twee weken later, hopelijk op tijd om de nieuwe wereldburger te verwelkomen. We hebben ontzettend veel zin om familie en vrienden weer te zien en vooral om onze stoere en vrolijke boy weer aan ze voor te stellen. Het is een ontzettend grappig ventje en jammer dat niet heel de wereld daarvan kan meegenieten (ik zal wel bevooroordeeld zijn).

dinsdag 20 december 2011

Hoe leg je dat rustig uit?

Vandaag kwam ik de administratie van Morgenster binnenlopen. Een ruimte met enkele chaotische bureaus en een medewerker gebogen over wat declaraties. Ergens in de hoek maakte iets een alarmerend piepend geluid. Ik meende dat het de UPS (uninterruptable power supply) was. Dat is een apparaat dat kleine stroomonderbrekingen opvangt of je de gelegenheid geeft je computer uit te zetten als de stroom helemaal is weggevallen. Ik vroeg dus quasiverbaasd “is de stroom uitgevallen?”. Het antwoord luidde bevestigend. Echter omdat  ik geen enkel teken bespeurde dat erop wees dat ze de computers ook veilig uit zou zetten vroeg ik: “Zou je dat ding dan niet uit gaan zetten?” Oke, misschien drukte ik me niet helemaal duidelijk uit, maar haar reactie verbaasde me toch. Ze zette namelijk niet de computer, maar de UPS (en daarmee ook de computer) uit.


Hoe leg je dan even rustig uit waar de UPS voor dient? Ik hoop dat het me wel redelijk lukte, met een analogie naar een auto waar je ook niet uitstapt als die 80 km/u rijdt, maar wacht tot ie tot stilstand is gekomen. Ik ben echter bang dat het apparaat voor de administratiestaf niet meer is dan een hinderlijk piepje dat je vertelt dat de stroom is uitgevallen.

zondag 11 december 2011

Arbitration and Reconcilliation

Twee woorden die ik de afgelopen tijd helaas beter heb leren begrijpen. Het verwijst in dit geval naar twee fasen in een conflict. Als werkgever hebben we de laatste maanden zo’n vier ontmoetingen gehad met arbitrators en reconcilliators.

Op de administratie van het ziekenhuis in Morgenster is fraude/diefstal gepleegd. In totaal is zo’n $4000 verdwenen. Dit geld is ontvreemd door medewerkers van de administratie. Een van hen had een tijdelijk contract en is al maanden geleden ontslagen. Hij heeft bekend en is nu zelfs aan het terugbetalen. Het proces met de andere twee is helaas minder ‘straightforward’.

Als een dergelijke zwendel aan het licht komt, moeten de juiste stappen worden ondernomen. Eerst wordt iemand geschorst, een intern onderzoek wordt uitgevoerd, en uiteindelijk wordt naar aanleiding van de uitkomsten van het interne onderzoek actie ondernomen. De interne onderzoeken resulteerden in tweemaal ontslag, maar dit wordt nu, op procedurele gronden, aangevochten door de ex medewerkers. Dit vreet energie en geeft een gevoel van onmacht. Want je zou toch denken dat als iemand steelt en wordt ontslagen, ze zich schamen en schikken in hun lot. Maar nee, de procedure(fouten) worden aangegrepen om er een zwaar en vervelend verhaal van te maken.

Het is dan extra vreemd om een kantoor van de arbitrator in te lopen en daar mijn collega grappen te zien maken met de arbitrator. Deze man heeft kennelijk ooit  eens op Morgenster gestudeerd. Na de sessie werd mijn collega, een dominee, gevraagd nog te besluiten met gebed. Natuurlijk heel mooi, maar ook zo vreemd, dat contrast tussen wat gebeurt tijdens de sessies en erbuiten.

Wordt vervolgd (helaas)…

zaterdag 3 december 2011

Blij

Annemarie

Vandaag eens alle mooie dingen op een rij.

Waar ik blij van word (in willekeurige volgorde):

-          Een geslaagde operatie, zoals dat kleine meisje die met een totaal vergroeide hand binnenkwam en met rechte vingers het ziekenhuis verliet. Door littekenvorming na een brandwond waren de vingers kromgegroeid en zaten pink en duim vast aan de handpalm. Dit vind ik leuk; priegeloperatie met direct resultaat.

-          Patienten die in een vroeg stadium naar het ziekenhuis komen voor behandeling van AIDS.

-          Een worm onder de microscoop ter bevestiging van je diagnose. Dus hoop voor de patient om afdoende behandeld te kunnen worden.  Denk niet dat wormen alleen maar irritante beestjes zijn; etters zijn het, kunnen veel pijn en fikse zwellingen veroorzaken. Bovendien zijn ze heel goed in verstoppertje spelen.

-          Kriebels in mijn buik.

-          Lennard die juichend in de vensterbank staat te springen als ik thuiskom.

-          Het vooruitzicht om familie en vrienden te zien in Nederland.

-          Een  efficient bestede OK-dag

-          Stroom op onverwachte dagen. En dat een hele week achter elkaar

-          Grappen in het ziekenhuis, en goede samenwerking

-          Een hele zin vloeibaar Shona.

-          IJsje eten in de stad

-          Bezoek

-          Geslaagd crea-project

-          Een verpleegkundige die met plezier haar werk doet.

-          Dankbare patienten. En dan bij voorkeur niet omdat ik naar ze kijk, maar vooral omdat ze echt geholpen zijn.

-          Koken zonder misselijk te zijn

-          Mango’s aan de bomen zien groeien.

zondag 6 november 2011

TV documentaire over Morgenster

Begin dit jaar maakte de EO een documentaire over het Morgenster ziekenhuis. De uitzendingen zijn op 10, 17 en 24 november vanaf 17.07 op Nederland 2. Op Wereld AIDS dag, 1 december, is een extra lange uitzending waarin ook Mark te zien zal zijn. 

Via uitzendinggemist en www.nederlandhelpt.nl zijn de afleveringen ook terug te kijken.

Get Microsoft Silverlight
Of bekijk de flash versie.




zondag 18 september 2011

Eerste werkweek

(door Annemarie)

De eerste (echte) werkweek zit erop. Voor alles is een tijd, nu is het de tijd van beginnen. Begonnen met zaalrondes, poli en operaties. Deze week had ik de kinderafdeling onder mijn hoede; een afwisselend gezelschap. Het merendeel viel in 1 van de volgende categorien: ondervoeding, HIV en/of TB, longontsteking, abcessen, brandwonden en breuken. En bij de kinderen die hier niet in passen tasten we grotendeels in het duister. Er zijn helaas maar weinig zaken die we hier in het laboratorium kunnen testen. De belangrijkste diagnostische tools zijn je klinische blik en het effect van de ingezette behandeling. Aan die klinische blik ben ik nu hard aan het werken, grotendeels een kwestie van ervaring maar continue studie levert ook een belangrijke bijdrage op dit moment.

Dan de operaties. Ik viel met mijn neus in de boter: bij mijn allereerste operatie werd ik verrast door een placenta praevia tijdens de keizersnede. Met andere woorden; bij openen van de baarmoeder ontmoette ik eerst de placenta en na deze doorgesneden te hebben pas het kind. Verkeerde volgorde en vaak gepaard gaand met veel bloedverlies en andere narigheden. Deze keer bleef het beperkt tot uitbundig bloedverlies ten tijde van de keizersnee, moeder en kind maken het nu goed.
De operatie daarna was een liesbreuk. De anatomie in dat gebied kan op de plaatjes al ingewikkeld lijken, de werkelijkheid is nog veel weerbarstiger omdat de patient totaal niet op de plaatjes lijkt. Als het al zo was voor de liesbreuk, dan maakt die uitstulping van vanalles het er niet makkelijker op. Gelukkig had ik assistentie van een collega, die dan wel geen ervaring had, maar wel de anatomie grondig bestudeerd had. En ik moet zeggen: na wat knip- en naaiwerk leek de patient aardig op het plaatje in het boek.
Twee dagen later de plastische chirurgie opgepakt: meisje van anderhalf met ernstige littekenvorming van de hand na brandwonden. De duim was helemaal vergroeid met de handpalm. Dit heb ik zoveel mogelijk proberen los te maken en nu hoop ik van harte dat de wond niet gaat ontsteken en dat het eindresultaat zodanig is dat de moeder niet zo teleurgesteld is dat ze niet meer terugkomt voor de andere vingers.
Klinkt misschien alsof ik me wel vermaak op OK, maar nee, in mijn hart ben ik geen chirurg. De niet al te ingrijpende en levensbedreigende operaties liggen me wel, maar voor een keizersnee sta ik nog steeds te bibberen, veel te spannend.

En dan de polikliniek. Een onafgebroken stroom van patienten met de meest uiteenlopende kwalen. Vooralsnog ben ik blij als ik een enigszins plausibele diagnose kan stellen en ik word helemaal gelukkig als we die vervolgens ook kunnen behandelen. In een week tijd zijn HIV en TB voor mij al veel concretere ziekten geworden. Al zal het altijd lastig blijven om de diagnose tuberculose te stellen. Het kan zich op tal van manieren presenteren en je weet het bijna nooit zeker.

Ik merk dat ik tijdens mijn werk in het ziekenhuis in mijn achterhoofd het idee heb dat ik wel de beslissingen neem, maar dat er ergens iemand is die alle antwoorden heeft en die mijn beleid dus zal af- of goedkeuren. Waarschijnlijk komt dit doordat ik nu voor het eerst echt zonder enige vorm van supervisie werk. Er is niemand (behalve patient en verpleging) aan wie ik verantwoording moet gaan afleggen. Niemand die 'alles' weet. Niemand die je bij de hand neemt als je vastloopt. En dat is best vreemd na al die jaren studie en 4 jaar werkervaring. Wel ben ik blij dat ik drie collega's heb die hier al een half jaar werken, een brede kennis hebben en altijd bereidt zijn tot overleg.

Deze komende week heb ik dienst. Dat betekent van maandag tot maandag beschikbaar zijn voor alle voorkomende zaken in het ziekenhuis. Ik ben erg benieuwd hoe het zal zijn. Toch spannend om in het midden van de nacht naar het ziekenhuis te moeten voor een spoedkeizersnee. Zal ik het kunnen? Zullen mijn beslissingen goed genoeg zijn? wie zal het zeggen.
Waar komt mijn hulp vandaan? Ik weet nog goed dat ik aan het begin van deze week erg opzag tegen het werk. Ik wist zeker dat ik zou falen op alle fronten. Nu weet ik niet of ik gefaald heb, maar ik weet wel dat God helpt in alle omstandigheden. Op dit moment ben ik me erg bewust van mijn zwakheden en voel me afhankelijk van God. Ik hoop eigenlijk dat dat zo blijft en dat ik niet denk zelf de hele wereld aan te kunnen. Wie meent te staan moet dubbel uitkijken niet te vallen.

Het is mooi geweest, bedtijd. Morgen een lange dag met werk, ambassadeursbezoek en een heel leuk ventje om voor te zorgen.

zondag 7 augustus 2011

Waarom

(door Annemarie)
Waarschijnlijk zal dit de vraag zijn die het meest gesteld wordt door westerlingen die naar Afrika, of in dit geval Zimbabwe, komen. We stellen onszelf die vraag dagelijks, in allerlei varianten. Waarom moeten er zoveel papieren ingevuld worden voordat je in dit land aan de slag kunt? Waarom staat dat busje opeens midden op straat stil? Waarom wordt er niet efficiënter gewerkt? Waarom krijgen de artsen zo weinig betaald? Waarom langzaam als het ook sneller kan? Waarom wordt alles platgebrand? Waarom verzinnen ze allerlei regeltjes om het onderwijs duurder te maken?
Deze week ben ik mijn collega's dagelijks aan het vermoeien met een andere variant op de waarom-vraag: Waarom is dit kind ondervoed? Met subvragen als: Waarom staan er chips, cake en frisdrank op het nachtkastje, maar is de baby doodziek door ondervoeding? Waarom is er ondervoeding in een land met avocado's en sinaasappels aan de bomen? Waarom is de moeder niet eerder gekomen? Waarom is het buurmeisje niet ook opgenomen? En zal dit kind in de toekomst weer terugkomen?
Het is verschrikkelijk om een kind te zien vechten voor zijn leven, terwijl dit misschien wel voorkomen had kunnen worden. In den beginne (voordat ik enige training had genoten) dacht ik nog: ach ondervoeding is simpel, je geeft het kind een pot pindakaas en de moeder een folder en het komt wel weer goed. Helaas is de werkelijkheid zo anders. Er zijn vaak zoveel redenen waarom kinderen ondervoed raken en vooral voor een buitenlander zoals ik ben is het maar moeilijk te begrijpen. Ik weet het, ik kom nog maar net kijken, maar ik vraag me af of ik het ooit zal doorgronden. Op dit moment houd ik me eerst maar eens bezig met de behandeling van ondervoede kinderen, maar ook dat is nog niet zo eenvoudig als het lijkt. De meest zieke kinderen op de afdeling zijn de zwaar ondervoede kinderen. Ze zijn zo fragiel als prematuurtjes. Er hoeft maar iets te gebeuren of ze verliezen de strijd. Het is erg lastig om ze goed te behandelen en het evenwicht te bewaren. Te weinig vocht en ze drogen uit, te veel en hun hart kan het niet meer aan. Te veel voeding en ze gaan spugen, te weinig en ze herstellen niet. Alle organen, alle cellen van het lichaam hebben te lijden door gebrek aan voedingsstoffen. Waaronder ook de huid. Pijnlijk om te zien. Lijkt op uitgebreide brandwonden.
Gelukkig zijn er goede protocollen die de weg wijzen in de behandeling. Eerst maar eens daar mee vertrouwd raken. Dan kan ik later als ik ouder en wijzer ben me verdiepen in de preventie. Dat zou mooi zijn, als er geen kinderen meer sterven door ondervoeding in Zimbabwe...

zondag 17 juli 2011

Werkervaring in Harare


Door Annemarie
Na eerst een maand interne geneeskunde, staat deze maand gynaecologie/verloskunde op het programma. Mijn eerste dienst was op de eerste hulp; 's avonds veel patiënten gezien, met name veel vrouwen met een miskraam. Rond middernacht hadden we 7 patienten op de lijst staan voor een curettage. Het OK personeel wilde toch liever eerst wat slapen, wat wij dus ook even konden doen. Vervolgens liepen we om 6h sochtends met een stoet kleumende dames in blauwe ziekenhuisjasjes door de gang op weg naar de operatiekamer.


De tweede dienst was op de verloskamers. Ze werken hier met 24h diensten, dus aan het eind ben je redelijk gaar. Ik begon de dienst om 16h met drie keizersnedes achter elkaar, helaas waren alledrie de kinderen al overleden. De eerste een de baarmoeder gescheurd tijdens de bevalling op de plaats van een eerder litteken van een keizersnee, bij de tweede was een deel van de placenta losgelaten waardoor veel bloedverlies bij moeder en kind, de derde patient was al drie dagen aan het bevallen, maar vorderde niet. Dit waren lastige keizersnedes en ik was blij dat ik ze samen met een gynaecoloog-in-opleiding kon doen. Een week eerder had ik zelf weer mijn eerste keizersnee gedaan, maar dat was een straight-forward casus vanwege stuitligging. Ik voelde mezelf redelijk onhandig, maar mijn collega was best tevreden.  Het is goed dat ik nu weer ervaring kan opdoen, vooral ook om zelfvertrouwen te krijgen om in de toekomst dit alleen te doen. In dezelfde dienst heb ik daarna nog drie keizersnedes gedaan met gelukkig drie huilende baby's.  Een drukke nacht, maar door de adrenaline van de operaties en ook omdat het ijskoud was in het ziekenhuis had ik weinig moeite om wakker te blijven. Deze zondag weer dienst; van 8h zondagochtend tot 9h maandagochtend. Lange rit. Ik ben benieuwd. Ik hoop dat Lennard ook tevreden is met water en sap.
Behalve diensten zijn er natuurlijk ook gewoon werkdagen. Visite lopen, poli en onderwijs. Meestal ben ik dan rond lunchtijd wel weer thuis. 's Middags gebeurt er niet zoveel in het ziekenhuis. Nu kan ik daar wel een oordeel over vellen, maar ik kan er ook wel in komen. De basisartsen hebben een salaris onder de armoedegrens (in Zimbabwe kennelijk $505) en ook de specialisten verdienen maar een schijntje. Iedereen rondt dus zo snel mogelijk zijn bezigheden in het ziekenhuis af om naar de privépraktijk of een andere inkomstenbron te vertrekken. Met twee banen kan je dus niet de uren maken die wij in Nederland  gewend zijn. Prioriteiten liggen ook anders. Op Morgenster zal dat anders zijn omdat je daar geen eigen praktijk op na kunt houden. Gelukkig maken donaties het mogelijk de artsen daar iets beter te betalen. Op Morgenster zal ik zelf wel om 13h naar huis gaan omdat ik geacht wordt parttime te werken. Heb een tweede baan thuis. Hopelijk zal dat geen slecht voorbeeld geven…


Lennard
Mark is veelal thuis met Lennard. Al moet ik zeggen dat ik ook veel thuis ben, dus weinig mis van zijn leventje. Het is extra leuk thuiskomen als er twee mensen blij zijn dat je thuis bent. Waarvan de kleinste me vervolgens het eerste uur ook niet meer loslaat. Toch gaat over het algemeen het loslaten steeds beter; hij kan zich prima vermaken in de box (nog steeds het liefst staand), vooral als we uit zicht zijn. Hij houdt hele verhalen  door de tralies heen. Wel heeft het zijn voorkeur om vrij te zijn en de rest van het huis te verkennen. Hij maakt kruipend een aardige snelheid. Ook weet hij overal te komen waar hij wil komen. Zo klimt hij in mum van tijd uit de kinderwagen en blijft hij geen seconde stilliggen bij het verschonen. Wat taalvaardigheden betreft zijn z'n favoriete woorden mama en eten, al zal dat niet heel bewust zijn. Qua intonatie komt hij aardig intelligent over –maakt leuke grapjes en zegt netjes amen na het bidden –   maar de tekst begrijpen doen we nog niet. Deze zondag zijn de mannen samen naar de kerk, want Annemarie heeft dienst. Lennard doet het heel aardig in de kerk, vindt het zingen fantastisch, speelt  netjes met wat sleutels en glimlacht naar iedereen om hem heen. We hebben ontdekt dat de meeste preken net zo lang zijn als een banaan, wat erg handig is, want Lennard heeft de neiging door de preek heen te praten. Hij is natuurlijk wel zo netjes opgevoed dat hij niet met volle mond praat.

maandag 30 mei 2011

Harare, here we come

Er is beweging gekomen in de zaak hier. We kregen vanmiddag een telefoontje dat Annemarie 1 juni in Harare in het ziekenhuis kan beginnen. Dat is dus deze woensdag al. Dat betekent dat we morgen naar Harare moeten 'verhuizen'. Het mooie is dat we bij vrienden van de buren kunnen logeren. Zij zelf zijn afgelopen weekend vertrokken voor 5 weken naar Europa (wat een mooie timing) op vakantie en hun broer Rudolph is achtergebleven. 
Wij kunnen dus een deel van het huis gebruiken. In de tussentijd hebben we de tijd om voor daarna een andere oplossing te vinden. Voor hoelang het zal zijn weten we nog niet. We weten eigenlijk alleen het adres van het ziekenhuis. En dat is gelukkig maar twee kilometer van ons tijdelijke onderkomen.
Inpakken en wegwezen dus. De verwachting is dat we in Harare ook internet hebben, dus dan kunnen we jullie vanuit daar op de hoogte houden.

The Lord does provide...




vrijdag 6 mei 2011

Mark's eerste echte werkdag

Gisteren heb ik, Mark, mijn eerste echte werkdag bij het kantoor van de Reformed Church in Zimbabwe gehad. Na eerst een gesprek met mijn direct leidinggevende, was er een voorstelrondje en kon ik mijn contract tekenen. Bij het tekenen van een dergelijk contract moet je ook nog twee getuigen laten tekenen. Dat werden dus de dichtstbijzijnde collega’s. Wat de kerk feitelijk doet is diverse secretaries aannemen die vervolgens hun afdeling dienen te ontwikkelen. Zo was er enkele jaren geleden nog geen audit commissie, education secretary of evangelism secretary. Dergelijke afdelingen groeien afhankelijk van de kunde en energie van het afdelingshoofd. Aan mij dus nu de taak om een Health Secretary op te zetten. Spannend en uitdagend, zeker als je de organisatie waarin deze afdeling ingebed is, nog niet kent. Wel is me duidelijk geworden dat de organisatie vrij bureaucratisch is. Er is zelfs een afdeling die mijn baas probeert af te schaffen en stelselmatig negeert omdat het in zijn woorden ‘geldverspilling en dubbel werk’ is. Tot dus ver is het nog niet gelukt deze afdeling op te heffen.

’S Middags tijdens de lunchpauze vertrekt iedereen uit het gebouw. Ik besloot dus boodschappen te doen en geld te pinnen. Er is inmiddels een pinautomaat waar je met je Nederlandse bankkaart geld uit de muur kunt halen. Toen ik arriveerde stonden er drie mensen voor me in de rij. Een man, een jonge dame en een omaatje. Toen de dame klaar was schuifelde de oma naar voren. De jonge dame kwam terug en bood aan het omaatje te helpen. De oma overhandigde haar pas, en gaf haar pincode, waarnaar er voor haar $40 werd gepind. Iets wat je in Nederland toch niet snel ziet gebeuren, toch?

donderdag 28 april 2011

Hoopgevende ontmoetingen

Donderdagmiddag 16:30
Beide hebben we geen zin meer in werken of studeren. het is drukkend warm en we voelen ons moe. Tijd om een rondje over Morgenster te gaan lopen. Lennard kan lekker in de Bugaboo, die op dit terrein prima meehobbelt. We lopen langs de tennisbaan tegenover ons huis. De laatste tijd wordt hier eigenlijk elke middag wel getennist, en zo ook nu. Na een paar meter zien we de auto van een collegadokter aankomen. Hij parkeert zijn auto en gaat relax op zijn motorkap zitten. Leuk, want nu hebben we eindelijk eens de tijd om wat uitbreider en in informelere setting elkaar te leren kennen. Dokter Mazanhi is pas 27 en heeft na twee jaar voor een staatssalaris van 300 dollar nu zijn eerste baan waarin hij iets meer verdient. Hij vertelde lachtend dat hij in 2008 van zijn eerste salaris nog niet eens een tomaat kon kopen. In het gesprek bleek heel duidelijk zijn motivatie om als arts te werken. Hij wil graag mensen helpen. En gelijk kwam hij met ideeen om baarmoederhalskanker vroegtijdig op te sporen en behandelen, waardoor vele vrouwen zouden kunnen genezen van kanker. Het mooie is dat zo'n project goed uitvoerbaar is als het personeel maar bereid is mee te werken. Met dokter Mazanhi als trekker, zou dit een heel levensreddend traject kunnen worden.
Ook was het mooi om te horen dat hij geloofde dat het mogelijk moest zijn om artsen langer aan het ziekenhuis te binden. Niet iedereen hoeft gelijk in opleiding, gaf hij aan en zelf wilde hij daar nog wel drie jaar mee wachten. Alleen, gaf hij eerlijk aan, is geld toch vaak het probleem. Tijdens de studie zijn velen door ouders, ooms en tantes ondersteund en als ze dan een baan hebben, worden ze geacht om deze 'extended family' ook goed te laten delen in de verworven rijkdom. Aangezien de salarissen bij katholieke missieziekenhuizen en in specialistenplekken veel beter zijn, vertrekken de meeste artsen na twee jaar. Met de artsen die we nu op Morgenster hebben, hopen we, mede doordat we van dezelfde leeftijd zijn, een goede, vriendschappelijke relatie op te bouwen. En daarnaast een zo positief mogelijk werkklimaat te creeren om ze zo lang mogelijk te behouden. To be continued...

zaterdag 23 april 2011

Eerste ervaringen in het ziekenhuis

Dinsdag
Vandaag heb ik (Annemarie) voor het eerst een dagje in het ziekenhuis rondgelopen. Interessant. En het viel me alles mee. Dinsdag en donderdag zijn OK-dagen, dus ik meldde me rond half negen op OK (operatiekamer). Ze beginnen daar officieel om 8 uur, maar de eerste dokter kwam rond kwart over negen opdagen. Het OK personeel liep wel wat te mopperen, maar maakte zich ook niet echt druk. Ze werken wel liever wat vroeger in de ochtend, niet alleen omdat je dan op tijd klaar kunt zijn, maar ook omdat het ’s ochtends koeler is, er is geen airco op OK. Nu is dat laatste deze dagen ook niet nodig, want het is al best fris; motregen en truienweer. Helaas hebben we geen (regen)jas in de koffer meegenomen. Goed, uiteindelijk toch begonnen met opereren. Ik heb geassisteerd bij twee keizersnedes, met twee verschillende collega’s. Dokter nr drie is deze week weg; moest naar een memorial service. Ik vond ze allebei goed opereren. Nu hebben ze ook veel meer ervaring dan ik met deze operatie; je staat hier als beginnend dokter veel sneller zelfstandig aan tafel dan in Nederland. Ook wel lol gehad rondom de operaties. Leuke gasten. Ze zijn allebei een paar jaar jonger dan ik, maar hebben veel meer hands-on ervaring. Het is voor mij een extra handicap dat ik de taal niet spreek, als ik er ben gaat de belangrijkste conversatie wel in het Engels (behalve dan gesprek met patiënt), maar het gebeuren daarom heen mis je toch. Het reilen en zeilen in de OK viel me mee. Anaesthesie gebeurd, voor zover ik het kan overzien, heel netjes. Op steriliteit wordt ook goed gelet, behalve dan dat er 7 verpleegkundestudenten op een rijtje staan te kijken. Ze zijn zelfs zo bang voor bacillen dat ze tijdens het schoonmaken steriele handschoenen over de gewone handschoenen dragen. Die strijd is echter niet te winnen, is me verteld. Of ik het toch ga proberen weet ik niet. Eerst maar eens inburgeren.

Daarna Hospital Management Team vergadering bijgewoond. Alle artsen maken daar deel van uit en de afgevaardigden van verschillende afdelingen. Een van de artsen was voorzitter, hij wilde het al gelijk aan mij overdragen, maar dat gaat toch niet gebeuren (ze leven in de veronderstelling dat ik medisch directeur wordt, want ik neem de taak van Herman toch over?, daar moeten we dus nog even achteraan). Pittige job voor hem, vooral omdat hij ook net nieuw is in het ziekenhuis en er wat tuchtcasus de revue passeerden. Er werden een paar mensen ter verantwoording geroepen die hun werk niet netjes volgens de regels hadden gedaan of waar er mogelijk sprake was van fraude. Dit naar aanleiding van een interne audit die was gedaan. Blij dat ik dit niet hoefde te leiden, lijkt me een gevoelig onderwerp.

Om 13h ben ik weggegaan omdat Lennard ook af en toe vochtbehoefte heeft. Hij had gelukkig lekker geslapen en zat met MaiRhoda te spelen. ’s Middags presteerde hij het om in de box zich op te trekken aan de spijlen. Hij vond het zelf ook wel heel geslaagd dat hij zomaar kon staan. Dat hij daarna omkukelde omdat hij een hand losliet viel minder in de smaak. Maar toch stoer voor zijn 7maanden en 2dagen oude bewegingsapparaat. De potjestraining gaat ook nog steeds goed: tweemaal per dag presteert hij binnen de minuut om een mooie drol te produceren. Het is niet zozeer een bewust opgezette training, het ziet er gewoon heel onnatuurlijk uit dat hij zijn luier, die toch al strak zit, met veel moeite probeert op te blazen. Met blote billen de boel laten lopen is toch veel makkelijker? Of we het vol gaan houden is de vraag, voor nu is het wel grappig. En de verwachting is niet dat poepluiers uitwassen onze hobby gaat worden.

Woensdag 
Vandaag op tijd naar het ziekenhuis om mee te lopen met visite. Ik ga lopend, maar een van de artsen geeft me het laatste stukje een lift in zijn wagen. Handig hoor als je dokter bent; kan je je auto voor de deur van het ziekenhuis parkeren. We beginnen gelijk. De overdracht hebben ze maar afgeschaft, dan is de visite nog later klaar. Halverwege de visite belanden we toch op OK, spoedkeizersnede. De Afrikaanse spoed is echter wat anders dan de Nederlandse. Daarbij komt dat de OK net blank staat ivm schoonmaakwerkzaamheden. Reinheid boven alles. Het OKpersoneel is eigenlijk niet van plan dit proces te bespoedigen, mijn collega zit echter met zijn handen in het haar: op de verloskamers ligt een patiënt die heel dringend een keizersnee nodig heeft, de bevalling vordert niet meer, het kind ligt in stuit en haar baarmoeder dreigt te scheuren. Helaas komt de term ‘spoedoperatie’ niet in het Shona woordenboek voor. Het valt me op hoe rustig mijn collega blijft, geen gespring, gezwaai of geschreeuw, wat op de Nederlandse OK bij stress toch redelijk gebruikelijk is. Toch weet hij niet van wijken, hij blijft staan wachten totdat iedereen een dweil in handen heeft en gaat de patiënt maar vast halen. Uiteindelijk ligt ze op tafel en kan de operatie beginnen. Wederom zonder al te veel haast van het personeel. Gelukkig gaat de operatie bijzonder goed, zonder complicaties worden twee protesterende baby’s geboren. Dat was dus de oorzaak van het probleem, deze broer en zus zaten elkaar danig in de weg. Na deze exercitie hebben we de visite afgemaakt. Gaandeweg wordt me wel duidelijk dat ik nog veel moet leren. Ondervoeding, tuberculose en HIV behandeling heb ik nog niet in de vingers. Ook zal ik moeten wennen aan het behandelen op grond van alleen anamnese en lichamelijk onderzoek. Aanvullend onderzoek is tot onder het minimum beperkt. En dit alles in rap tempo. In Nederland had ik meestal wel de tijd om gedurende de dag nog eens langs de patiënten te lopen en wat op te zoeken. Hier moet je alles gelijk afronden, er is geen tijd om een actielijst op te stellen, want dan kom je later in de problemen. Daarbij komt dat het patiëntenaanbod zeer gevarieerd is.  Je loopt van de ene afdeling naar de andere en je moet de hele tijd schakelen tussen allerlei problemen. Misschien wel vergelijkbaar met wat een huisarts in zijn spreekuur doet.

zondag 6 februari 2011

Impressies uit Zimbabwe

Mark is voor een conferentie over HIV programma's in Zimbabwe. Hieronder het eerste deel van het reisverslag.

Dinsdag 1 februari, 18:37
Vandaag hoefde ik maar een klein stukje van de reis wakker af te leggen, en toch ervoer ik alweer zoveel van Gods zorg. Allereerst vertrokken we wat laat naar het treinstation, en vergat ik de printjes van mijn e-ticket mee te nemen. In de trein bedacht ik me dat de benodigde info ook wel op mijn laptop stond. Toen ik die gegevens doornam, zag ik tot mijn schrik '1PC' staan. Dat betekende dat ik zo'n 15 kilo aan het meezeulen was welke niet zomaar mee mocht naar Johannesburg. Ik had eerder toch echt gezien dat ik twee stuks mee mocht nemen. Stress, stress, stress. Het was niet meer mogelijk om de GZB te bellen, en het reisbureau nam ook de telefoon niet meer op.

In mijn hoofd had ik al een hele argumentatie opgebouwd, maar op de luchthaven vertelde de dame van British Airways me dat ik wel drie stuks mee mocht nemen. Helaas vertelde me ze ook dat ze geen stoel voor me had. Het vliegtuig was overboekt en aangezien ik niet vooraf had ingecheckt, stond ik nu op de waiting list. Ik was er echter, God zij dank, heel rustig onder, geen stress. Ik zeulde mijn bagage naar een andere balie waar de dame me een voucher gaf om een kop koffie te halen en het verzoek om het een uur voor vertrek weer te proberen.

Op zoek naar een plek om wat te eten vond ik een leuk tentje waar ik iets bestelde. Twee maal kwamen ze terug om te vertellen dat iets er niet was, maar ik vond het allemaal wel best. Als compensatie voor het ongemak, kreeg ik een kop koffie. Al met al heel wat piekjes en dalen, maar het geeft iig wel weer wat stof tot danken en schrijven. Nu maar hopen dat ik zometeen inderdaad op het vliegtuig mee mag, anders sta ik straks weer voor de neus van Annemarie.

Woensdag 3 februari, 11:55
Ik zit in het vliegtuig naar Harare. En ja, ik mocht dus mee op de vlucht naar Johannesburg. Dat was een lange, maar comfortabele vlucht.Op de luchthaven van Johannesburg kwam ik collega's tegen en samen reizen we nu naar Zimbabwe. Ze zagen er nogal moe uit na een korte nacht in een hotel in Zuid-Afrika. Nu in het vliegtuig naar Zimbabwe valt het me op dat er ook allerlei zakenmensen meevliegen. Dat lijkt een gunstig teken. Zimbabwe is waarschijnlijk niet meer zo geisoleerd en onaantrekkelijk als twee jaar geleden.

Vrijdag 5 februari, 18:02
We zijn woensdag allen veilig aangekomen in het hotel. Een werkelijk fantastische plek, niet ver van de missie. Met mensen uit Indonesia, Sudan, Ethiopia en Zimbabwe praten we over hoe de HIV-programma's het beste vormgegeven kunnen worden. Erg goed om hier te zijn. En bijzonder om te zien hoe snel de techniek gaat hier. Want er is nu beter bereik voor de telefoon en zelfs draadloos internet. Ik zag een collega zelfs skypen met beeld met familie in Engeland. Zimbabwe en het thuisfront komen op die manier steeds dichterbij.

Zondag, 7 februari, 18:37
De zondagochtend bestaat natuurlijk uit het bezoeken van een kerk. De preek werd netjes voor ons vertaald. Na de dienst wordt ons een maaltijd aangeboden, en er wordt niet gevraagd of dit in het schama past, “zo werkt het hier gewoon” wordt met een knipoog duidelijk gemaakt. Alleen zal de maaltijd niet gelijk gebruikt worden. We worden eerst langs twee andere kerken geleid, waar hele kennismakingsrituelen worden gebezigd. Hongerig komen we rond twee uur terug bij de kerk. Dan blijkt dat de maaltijd nog niet gearriveerd is. Dus zullen we vertrekken zonder eten, de kerk in 'embarrasment' achterlatend. Met dat we in de auto stappen, komt de cateraar toch opdagen. Ze bleken pas op het laatste moment te hebben gerealiseerd dat wij als Westerse gasten waarschijnlijk minder gecharmeerd zijn van sadza (maismeelpap) dan zij. Gelukkig was de rijst snel gemaakt en werd de maaltijd nog net op tijd binnengebracht.

Terug in ons hotel bleek de zondag minder een rustdag dan gewoonlijk en stond een ontmoeting met zes PLWHA op het programma. Voor de mensen die minder goed ingevoerd zijn in de HIV-AIDS problematiek; dat staat voor People Living With HIV and AIDS. Het was erg 'touching' om de verhalen van hen te horen. Meer nog dan in Europa is er nog een hoog stigma rondom mensen met AIDS. Sommigen worden afgesneden van families, verliezen banen en worden gemeden in de kerk. Inmiddels wordt dit beter, maar nog altijd geldt voor veel mannen; 'better to die with pride, than knowing and revealing your HIV status'. Er is nog veel werk te doen...

Gerelateerde afbeeldingen
Disclaimer: De foto's geven misschien het idee dat ik op vakantie ben, maar het is nou eenmaal niet zo interessant om foto's van de conferentie zelf te maken.
Uitzicht op lake Kyle vanaf het hotel
Doorkijkje bij Greater Zimbabwe Ruins (national monument)
Western influence in traditional village